News Made Clear · Cargando…
Het kabinet raamt een kleiner begrotingstekort na 2027, terwijl de schuldquote verder stijgt. De Miljoenennota laat zien waarom die twee ontwikkelingen tegelijk mogelijk zijn.
¿Qué ha cambiado? · 15/9/26, 22:31 UTC
Volver al idioma de lectura seleccionado
Cargando información de revisión.
De plannen van Prinsjesdag gaan niet alleen over hoeveel geld ergens bijkomt. Ook de vergelijking bepaalt de betekenis: gaat het om een bedrag per jaar, de totale schuld of een percentage van de economie?
Het kabinet raamt het overheidstekort op 2,9% van het bbp in 2027 en 2,2% in 2030. Tegelijk verwacht het dat de schuldquote stijgt van 46,9% naar 48,9% van het bbp. Dit zijn vooruitzichten uit de op 15 september gepresenteerde begroting, geen gerealiseerde uitkomsten. [1]
Een tekort gaat over een periode: de overheid geeft in dat jaar meer uit dan zij ontvangt. Schuld is een opgebouwde stand. Een kleiner tekort kan dus samengaan met een verder oplopende schuld. Bovendien verandert een schuldquote ook wanneer het bbp, de noemer van de verhouding, verandert.
De afzonderlijke overheidspagina over de overheidsfinanciën toont dezelfde richting: tekorten blijven bestaan, terwijl de schuldquote geleidelijk oploopt. Het betreft dezelfde overheidscommunicatie, geen onafhankelijke tweede bevestiging. [2]
Het kabinet noemt voor infrastructuur €1,5 miljard incidenteel en €300 miljoen structureel. Die bedragen betekenen niet hetzelfde. Het eerste is een eenmalige inzet; het tweede is bedoeld als terugkerende inzet. Zonder de begrotingsjaren en de uitvoeringsplanning te bekijken, kun je die niet presenteren als jaarlijks €1,8 miljard extra. [1]
Wie de begroting beoordeelt, moet daarom telkens drie zaken controleren: de periode, de vergelijkingsbasis en de status van het bedrag. Een beleidsvoornemen, een raming en een gerealiseerde uitgave zijn verschillende soorten informatie.
Een gunstiger verloop is niet hetzelfde als een gunstige eindstand. De geraamde afname van het tekort tussen 2027 en 2030 is 0,7 procentpunt van het bbp. Dat betekent niet dat de overheid in 2030 een overschot heeft, of dat de schuld lager ligt. Dit volgt uit het verschil tussen de gepubliceerde percentages; het is geen nieuwe economische voorspelling.
Ook een groter budget bewijst nog niet dat het beoogde resultaat wordt bereikt. Voor een inhoudelijk oordeel over infrastructuur zijn onder meer de verdeling over projecten, uitvoerbaarheid en gerealiseerde resultaten nodig. De genoemde bedragen beantwoorden die vragen niet.
2 fuentes citadas · explora las pruebas, las limitaciones y la procedencia.
Inicia sesión para votar positiva o negativamente este artículo.
Debate de prueba privado. Los comentarios expresan las opiniones de los lectores y todavía no se verifican automáticamente. Se pueden editar durante los 60 segundos posteriores a su publicación.
La ordenación se aplica a los comentarios principales; las respuestas se mantienen de más antiguas a más recientes. Los nuevos comentarios y los «Me gusta» pueden cambiar el orden. Actualiza la página para ver la clasificación actual.
Cargando los comentarios…