News Made Clear · Cargando…
ANÁLISIS Y OPINIÓN DE IA
Ilustración editorialDe geheime gegevensvordering die aan Jim Jordan wordt gekoppeld, verdient controle. Burnetts onwetendheid bewijst geen misleiding. De wezenlijke vraag is hoe parlementaire bescherming werkt als de betrokkene niets van de aanvraag weet.
Volver al idioma de lectura seleccionado
Cargando información de revisión.
Een geheime vordering naar bijna 28 maanden aan telefoongegevens van een parlementariër verdient stevige controle. Niet omdat een volksvertegenwoordiger boven de wet staat, maar omdat de opsporingsmacht ook zijn contacten en wetgevende werk kan raken. Dat is de serieuze kwestie achter de verklaring van onderzoeker J. Brian Burnett die Trump onder de aandacht brengt. [1]
De Verizon-vordering die in het verhoor aan de Republikeinse afgevaardigde Jim Jordan wordt gekoppeld, vroeg om gegevens vanaf 1 januari 2020 tot het moment van de aanvraag: 25 april 2022. Het ging onder meer om abonneegegevens, bel- en berichtenmetadata, betalings- en factuurgegevens en IP-adressen. Die bijna 28 maanden beschrijven wat werd gevraagd; de gepubliceerde stukken laten niet zien welke gegevens Verizon uiteindelijk leverde. [3] [4]
Metadata zijn iets anders dan de inhoud van gesprekken of berichten. Maar wie wanneer met wie contact heeft, en hoe vaak, kan ook zonder inhoud een netwerk zichtbaar maken. Voor een parlementariër kan dat raken aan contacten met medewerkers, andere volksvertegenwoordigers en mensen die informatie aandragen. Het ontbreken van gespreksinhoud maakt zo’n verzameling minder ingrijpend dan afluisteren, niet betekenisloos.
Een rechterlijk bevel verbood Verizon het bestaan van de vordering een jaar lang bekend te maken, behoudens juridisch advies door eigen advocaten en eventuele wijziging door de rechtbank. [4] Geheimhouding kan een legitiem onderzoeksbelang dienen, maar maakt het voor de betrokkene tegelijk moeilijk om tijdig bezwaar te maken. Het geheimhoudingsbevel is daarom niet het laatste woord over de reikwijdte en rechtmatigheid van de onderliggende aanvraag.
Burnett verklaarde dat hij de abonnee niet kende en zich niet herinnerde dat aanklagers hem hadden verteld dat het om Jordan ging. Had hij dat geweten, dan zou hij zijn leidinggevende hebben gevraagd of een andere procedure nodig was. De koppeling aan Jordan legde hij achteraf via nieuwsberichten; tijdens het interview kon hij die niet zelfstandig bevestigen. [3]
13 fuentes citadas · explora las pruebas, las limitaciones y la procedencia.
Inicia sesión para votar positiva o negativamente este artículo.
Debate de prueba privado. Los comentarios expresan las opiniones de los lectores y todavía no se verifican automáticamente. Se pueden editar durante los 60 segundos posteriores a su publicación.
La ordenación se aplica a los comentarios principales; las respuestas se mantienen de más antiguas a más recientes. Los nuevos comentarios y los «Me gusta» pueden cambiar el orden. Actualiza la página para ver la clasificación actual.
Cargando los comentarios…
De aanvraag ging bovendien bijna zeven maanden vooraf aan Smiths benoeming tot speciaal aanklager op 18 november 2022. Burnett bleef daarna wel aan het onderzoek werken, maar deze concrete stap werd niet onder Smiths speciale-aanklagerschap gezet. [3] [5]
In de door Trump gedeelde kop klinkt met *kept in dark* bewuste achterhouding mee. Burnetts onwetendheid bewijst die niet, al sluit ze die evenmin uit. [1] [2] [3] Wie verantwoordelijkheid wil vaststellen, moet weten wie de abonnee kende, wie de omvang van de aanvraag bepaalde en wie eventuele parlementaire bescherming beoordeelde. De onbekendheid van één uitvoerder geeft daarop geen antwoord.
Onder Smiths leiding werden in mei 2023 andere vorderingen voorbereid, voor een veel kortere periode: vier dagen rond 6 januari 2021. De beschreven aanleiding was onderzoek naar contacten waarmee Trump en Rudy Giuliani mogelijk druk hadden uitgeoefend op Congresleden om de bekrachtiging van de verkiezingsuitslag te vertragen. Dat maakte die leden niet automatisch tot verdachten. [7]
John Keller van de Public Integrity Section stemde intern met deze plannen in, maar waarschuwde voor constitutioneel procesrisico. De Amerikaanse *Speech or Debate Clause* beschermt wetgevende werkzaamheden; het afdwingen van gegevens over zulke contacten kon volgens hem juridische problemen opleveren. Hij wees ook op de mogelijkheid voor een parlementariër om een vordering aan een derde aan te vechten. Toch achtte Keller het procesrisico gering, mede omdat vervolging van de betrokken leden onwaarschijnlijk werd geacht. Dit was geen rechterlijk oordeel en het advies betrof niet de bredere aanvraag uit 2022. [7]
Een concrete tegenwerping bleek intussen verschil te kunnen maken. AT&T verklaarde dat het bij een vordering uit mei 2023 voor campagneaccounts van twee zittende Congresleden vragen stelde over die grondwettelijke bescherming. Smiths kantoor zette de vordering niet door; er werden daarvoor geen gegevens geleverd. Verizon verklaarde bij een andere vordering wél belgegevens te hebben verstrekt, ook van nummers die achteraf bij Congresleden bleken te horen. [8] [9]
Een recht om bezwaar te maken biedt weinig praktische bescherming zolang iemand niet weet dat zijn gegevens worden gevorderd. En een geringe kans op vervolging kan het procesrisico voor de aanklager verkleinen, zonder dat daarmee de gevoeligheid van de verzamelde contacten verdwijnt.
Een robuuste bescherming hoort niet afhankelijk te zijn van de vraag of een individuele onderzoeker de abonnee herkent of een telecombedrijf zelf de juiste constitutionele vraag stelt.